Dit is het e-commerce nieuws van week 23 en 24

In de media 23 juni 2021

Samen zijn we ‘De winkel van ons allemaal’, maar niet iedereen heeft even makkelijk toegang tot het internet via websites en apps. Heb je zelf een website of app, dan kun je deze check alvast doen en de aanbevelingen bekijken.

Zelfscan laat ondernemers toegankelijkheid site checken

Ondernemers kunnen met een nieuwe zelfscan zien hoe hun website scoort op het gebied van toegankelijkheid. Vanaf de zomer van 2022 komen er regels die bepalen dat websites en apps voor iedereen toegankelijk moeten zijn, inclusief mensen met een beperking. Ook ondernemers moeten aan die regels voldoen. Om bedrijven daarbij te helpen, hebben brancheorganisaties VNO-NCW, MKB-Nederland, Accessibility en Thuiswinkel.org het hulpmiddel ontwikkeld.

Op ismijnsitetoegankelijk.nl kan een websiteadres ingevuld worden, waarna de pagina gescand wordt. Het hulpmiddel kijkt daarbij naar de gebruiksvriendelijkheid, het leesniveau, de kwaliteit van de code en of er alternatieve tekst wordt gebruikt bij afbeeldingen. Dat laatste is belangrijk voor blinde en slechtziende bezoekers, omdat zij dan toch een idee krijgen van wat er op een afbeelding te zien is.

De initiatiefnemers willen met de zelfscan de bewustwording en het kennisniveau van ondernemers rondom digitale toegankelijkheid vergroten. Hoewel de regels er volgende zomer al zijn, zal de wetgeving pas in 2025 in werking treden. Vanaf dat moment moeten onder andere financiële diensten en webwinkelbedrijven aan toegankelijkheidseisen voldoen.

Voor kleine ondernemingen komen er gedeeltelijke vrijstellingen, maar volgens Thuiswinkel.org is het ook voor hen raadzaam om aan de regels te voldoen. Digitale toegankelijkheid zou namelijk tot wel 15 procent meer potentiële klanten kunnen leiden.

Volgens de initiatiefnemers zijn er 2,5 miljoen Nederlanders die niet vanzelfsprekend gebruik kunnen maken van websites. Dat zijn mensen die bijvoorbeeld slecht kunnen zien, horen, of moeite hebben met het bedienen van een muis.

Betere toegankelijkheid komt niet alleen mensen met een beperking ten goede. Volgens de brancheorganisaties dragen de toegankelijkheidsaanpassingen bij aan de snelheid en vindbaarheid van een website. Daardoor profiteren ook andere internetgebruikers ervan. Zo zijn filmpjes die ondertiteld worden niet alleen prettig voor dove bezoekers, maar ook voor mensen die de beelden in de trein willen bekijken zonder hun medereizigers te storen.

 


 

Nu de maatregelen steeds verder versoepelen gaat er gelukkig weer meer verkeer naar de Nederlandse en Belgische winkelstraten. Wel heeft online verkopen tijdens de coronatijd een vlucht genomen – zo zien we ook op het bol.com platform. Dit zal dan ook een belangrijker onderdeel blijven in de verkoopstrategie.

Winkels moeten blijven inzetten op online

Winkels hebben in de coronatijd veelal ingezet op onlineverkoop door bijvoorbeeld een webwinkel te bouwen of met sociale media aan de slag te gaan. Ook nu de coronacrisis ten einde loopt, moeten ze daar op blijven inzetten, stelt branchevereniging INretail. Daar is echter ook geld voor nodig en veel ondernemers zitten door de crisis juist in de schulden.

INretail voorziet de meeste groei voor winkels de komende jaren via internet. Volgens de brancheorganisatie heeft de overgrote meerderheid van de winkeliers al contact met klanten via sociale media als Facebook en Instagram. Ruim de helft heeft een eigen webwinkel. Desondanks vindt een op de vijf winkeliers onlineverkoop moeilijk te organiseren.

Belgen kochten in eerste kwartaal helft meer online dan jaar eerder

Belgen deden in het eerste kwartaal van dit jaar in totaal 41,9 miljoen online-aankopen. Dat is een stuk meer dan de 28 miljoen bestellingen die ze in dezelfde periode in 2020 plaatsten. In totaal is er volgens brancheorganisatie BeCommerce 2,84 miljard euro uitgegeven. Vooral fashion, elektronica en entertainment groeiden flink.

Ondanks de groei blijft de populariteit van e-commerce in België achter bij die in Nederland. Nederlanders bestellen vaker online en geven bovendien meer uit. Opvallend is dat Belgen het liefst bestellen via hun laptop en daar ook meer uitgeven dan via de smartphone. In Nederland is de smartphone juist het populairste webwinkelplatform.

 


 

We zien het al een tijdje gebeuren: de platformeconomie, waarin verschillende partijen de krachten met elkaar bundelen, wordt steeds groter. Deze samenwerking tussen Uber Eats en Marqt is daar een nieuw voorbeeld van, specifiek gericht op de zeer snelle bezorging van voedsel.

Uber Eats bezorgt voortaan boodschappen van Marqt

Inwoners van Amsterdam, Haarlem en Heemstede kunnen voortaan hun boodschappen bij Marqt bestellen en die binnen 30 minuten geleverd krijgen door een koerier van Uber Eats. Tot nu toe konden er via de app alleen restaurantmaaltijden besteld worden. Uber stapt zo in de steeds drukker wordende markt van flitsbezorgers.

Het van oorsprong Duitse Gorillas in inmiddels in 9 Nederlandse steden actief en krijgt inmiddels concurrentie van het eveneens Duitse Flink, het Turkse Getir en het Britse Zapp. Investeerders zien er wel brood in: Flink kreeg ruim 200 miljoen euro los bij geldschieters en Getir haalde zelfs 460 miljoen euro op. Daarmee is het bedrijf nu meer waard dan maaltijdbezorger Deliveroo.